De geboorte van een advocaat

 
25/07/2022
Publicatie

Mail Jolande ter Avest

Alle blogs

 

Alles ontroerde me aan hoe ze de zaak behandelde. Haar mededogen met haar kwetsbare cliënte, haar verontwaardiging over de slechte onderbouwing van het verzoek en haar verbazing dat er nog nooit een schriftelijk verweer was ingediend tegen de uithuisplaatsing. Twee jonge zusjes die twee jaar geleden van elkaar en van hun ouders waren gescheiden. Ze konden niet samen worden geplaatst in een pleeggezin. Een moeder met slechts een paar uur omgang per maand.

Het telefoontje met de voormalig advocaat was ontluisterend. Het mondde nadien uit in een monoloog over het belang van het schriftelijk verweer voeren. Hoe kón de advocaat tijdens vier opeenvolgende zittingen alleen mondeling verweer hebben gevoerd? Tegen een uithuisplaatsing! Was het luiheid? Een minder kwetsbare cliënt zou dit nooit hebben geaccepteerd. Rechters die naar zitting gaan met alleen een raadsrapport of stukken van een GI zonder dat ze vooraf ook schriftelijk kennis hebben van het standpunt van een ouder waarvan het kind uit huis is geplaatst, het zou niet moeten mogen volgens haar.

Formeel was het al te laat om nog schriftelijk verweer te voeren. ‘Gewoon doen’ was mijn advies. ‘Leg het uit aan de rechtbank. Ze zullen je inzet waarderen’. Ik zag haar de dagen daarna vele uren overwerken. Schrijven, stukken lezen en overleggen. Een uitstekend verweerschrift was het resultaat.

Na de zitting kwam ze opgewonden op kantoor terug. Gooide haar toga op een stoel en vertelde honderduit. De meervoudige kamer had haar verweer goed begrepen en had kritische vragen gesteld. ‘Ik weet het niet zeker’ zei ze stralend, ‘maar ik denk dat het wel goed komt. Het wordt een netwerkplaatsing denk ik. Die meisjes kunnen hopelijk samen opgroeien’.

En toen kwam eindelijk de dag van de beschikking. Ze bivakkeerde nog net niet bij de brievenbus. Opnieuw die opwinding. En dan haar overweldigende blijdschap om al lezend te ontdekken dat deze zusjes inderdaad herenigd zouden gaan worden en voortaan zouden opgroeien bij hun tante, waardoor moeder veel meer en makkelijker contact met hen kon hebben. Ze was bijna net zo blij als haar cliënte. ‘Dit is waarvoor je al die uren overwerkt’ zei ik tegen haar. ‘Dit is waarom je hier ontzettend goed in moet zijn’. Haar glimlach was de rest van de dag niet meer van haar gezicht af te slaan. Ze had geproefd van de onbeschrijflijke voldoening van ‘ertoe doen’ en ‘verschil te maken’.

Het was alsof ik de geboorte van een geweldige advocate aan de hand van één belangrijke zaak mocht aanschouwen. Het meeleven met haar cliënte, haar inzet, haar twijfel, haar kennis en haar vastberadenheid het goed te doen waren prachtig om te zien. Ze is nog niet zo lang advocaat, maar wát een talent en belangrijker nog: wat een inzet. Hoe dierbaar om haar te mogen zien groeien in de fantastische advocate die ze zonder twijfel gaat zijn.

We hebben echt een prachtberoep. Het past om dankbaar te zijn voor het bijzondere voorrecht het uit te mogen oefenen.

 

Publicatie

Mail Jolande ter Avest

Alle blogs

Deel:

Gerelateerd